ATAL 6, ATAL 15, ATAL 18, ATAL 20

AIR LIQUIDE BV

Datum van herziening: : 2022-11-01

SDS Library

Zet uw VIB-bibliotheek vandaag online.

Check Icon
Instellingen – Eenvoudige opzet met onze database van 16 miljoen+ SDS's
Check Icon
Up-to-date – Uw VIB worden automatisch bijgewerkt naar de laatste versies.
Check Icon
Toegang voor medewerkers – Toegang via tablets, smartphones of een koppeling van het bedrijfsintranet
Check Icon
Veiligheid – Eenvoudige toegang tot EHBO-informatie met één klik.
Check Icon
Labels – Maak secundaire containeretiketten met slechts één klik.
GHS04
Beoordeling van gezondheidsrisico ' s 1
Beoordeling van veiligheidsrisico ' s 4
Milieurisicobeoordeling 1

Algemene Informatie

Version

3.1

Datum van herziening:

2022-11-01

A. Productnaam:

ATAL 6, ATAL 15, ATAL 18, ATAL 20

1.5 Aanbevolen gebruik:

Industrieel en professioneel gebruik. Voer een risicoanalyse uit voor gebruik Contacteer leverancier voor meer gebruiksinformatie Industrieel en professioneel gebruik voor chemische analyse, kalibratie, (routine) kwaliteitscontrole, laboratorium gebruik, in een gesloten proces

1.2.2. Ontraden gebruik

Gebruik door de consument Andere vormen van gebruik dan hierboven gelijst worden niet ondersteund. Neem contact op met uw leverancier voor meer informatie over andere gebruiken

Telefoonnummer voor noodgevallen (CHEMTREC)

+31 (0)40 250 35 03, +32 (0)2 431 72 00, +352 50 62 63 1, +32 70 245 245, 070 245 245, +352 8002 5500, +31 88 755 80 00

Icoon in VIB

GHS04 M011 T018

Bedrijf Informatie

bedrijf

AIR LIQUIDE BV

e-mail

infosafetydatasheet.albv@airliquide.com

GHS informatie

signaal woord

Waarschuwing

Hazard Codes

Gevarenaanduidingen (CLP)

H280

Gevarenaanduidingen

Code

Jaarrekening

H280

Contains gas under pressure; may explode if heated

Sectie 2

RUBRIEK 2: Identificatie van de gevaren

Verordening (EG) nr. 1272/2008) Indeling van de stof of het mengsel

Fysieke gevaren

Gassen onder druk Samengeperst gas H280

Gevarenpictogrammen

GHS04

Waarschuwing signaalwoord

Waarschuwing

Gevarenaanduidingen

H280 - Bevat gas onder druk; kan ontploffen bij verwarming. zie sectie 16 Bevat geen componenten die de classificatie van het product beïnvloeden. *1: Vermeld in Annex IV/V REACH, vrijgesteld van registratie. *3: Registratie niet vereist stof wordt geproduceerd of geïmporteerd < 1t/y. RUBRIEK 4: Eerstehulpmaatregelen 4.1. Beschrijving van de eerstehulpmaatregelen - Inademing Verplaats het slachtoffer naar een onbesmette ruimte en gebruik ademhalings- bescherming. Houd het slachtoffer warm en rustig. Waarschuw een arts. Pas cardiopulmonaire resuscitatie toe zodra de ademhaling ophoudt. - Contact met de huid Nadelige effecten worden niet verwacht van dit product. - Oogcontact Nadelige effecten worden niet verwacht van dit product. - Inslikken Inslikken wordt niet waarschijnlijk geacht. 4.2. Belangrijkste acute en uitgestelde symptomen en effecten Kan verstikking veroorzaken in hoge concentraties. Door het verliezen van het bewustzijn, is het slachtoffer zich niet bewust van de verstikking. Zie rubriek 11. 4.3. Vermelding van de vereiste onmiddellijke medische verzorging en speciale behandeling Geen. RUBRIEK 5: Brandbestrijdingsmaatregelen 5.1. Blusmiddelen - Geschikte blusmiddelen Watersproeier of nevel. Het produkt is niet brandbaar, gebruikt brandbeheersingsmaatregelen die geschikt zijn voor de omliggende brand. - Ongeschikte blusmiddelen Gebruik voor het blussen geen waterstraal. 5.2. Speciale gevaren die door de stof of het mengsel worden veroorzaakt Specifieke risico's Blootstelling aan vuur kan de houder doen scheuren of exploderen. Gevaarlijke verbrandingsproducten Geen. 5.3. Advies voor brandweerlieden Specifieke methoden Coördineer brand maatregelen naar aangrenzende branden. Blootstelling aan brand of stralingswarmte kan de drukhouder doen scheuren. De bedreigde drukhouders koel houden met waterstraal vanaf een veilige positie. Verontreinigd bluswater niet wegleiden in afvoer. Indien mogelijk, stop de productstroom. Watersproeier of nevel gebruiken indien mogelijk, voor het neerslaan van rook. Verwijder containers uit de buurt van de vuurhaard, indien dit kan worden gedaan zonder risico. Speciale beschermingsmiddelen voor de brandweer Gebruik persluchtapparatuur in een gesloten ruimte. Standaard beschermende kleding en apparatuur (persluchttoestel) voor brandweerlieden. Standaard EN137 - Onafhankelijke persluchtmaskers. EN 469 Beschermende kledij voor brandweerlieden. EN 659 Beschermende handshoenen voor brandweerlieden. RUBRIEK 6: Maatregelen bij het accidenteel vrijkomen van de stof of het mengsel 6.1. Persoonlijke voorzorgsmaatregelen, beschermingsmiddelen en noodprocedures Voor andere personen dan de hulpdiensten Handel naar het plaatselijk rampenplan. Tracht de uitstroming te stoppen. Evacueer de omgeving. Zorg voor voldoende ventilatie. Verhinder het binnendringen in rioleringen, kelders, werkputten en elke plaats waar ophoping gevaarlijk kan zijn. Boven de wind blijven. Zie sectie 8 van het VIB voor meer informatie over persoonlijke beschermingsmiddelen. Voor de hulpdiensten Draag persluchtapparatuur tenzij aangetoond is dat de atmosfeer veilig is. Zuurstof detectoren zouden gebruikt moeten worden wanneer hoeveelheden van verstikkende gassen kunnen vrijkomen. Zie sectie 5.3 van het VIB voor meer informatie. 6.2. Milieuvoorzorgsmaatregelen Tracht de uitstroming te stoppen. 6.3. Insluitings- en reinigingsmethoden en -materiaal De ruimte ventileren. 6.4. Verwijzing naar andere rubrieken Zie ook rubrieken 8 en 13. RUBRIEK 7: Hantering en opslag 7.1. Voorzorgsmaatregelen voor het veilig hanteren van de stof of het mengsel Veilig gebruik van het product. Gas niet inademen. Vermijd productemissie naar de atmosfeer. De omgang met de stof moet gebeuren volgens goede industrieële hygiene- en veiligheidsprocedures. Enkel ervaren en goed opgeleide mensen zouden gassen moeten hanteren. Overweeg drukontlastingsapparatuur in gasinstallatie. Verzeker dat het complete gassysteem is (of regelmatig wordt) gecontroleerd op lekken voor gebruik. Niet roken tijdens het gebruik of het hanteren van het product. Gebruik alleen degelijk gespecificeerde apparatuur die geschikt is voor dit product en de heersende druk en temperatuur. Raadpleeg uw leverancier in geval van twijfel. Vermijd terugstroom van water, zuren of basen. Veilig gebruik van de gashouder. Raadpleeg de leveranciershandleiding van de drukhouder. Voorkom terugstroming in de houder. Bescherm de drukhouder tegen mechanische beschadiging. Niet slepen, rollen, schuiven of laten vallen. Gebruik voor het verplaatsen van een drukhouder, zelfs voor korte afstanden, steeds een (steek)kar die geschikt is voor het transport van drukhouders. De kap niet verwijderen voordat de drukhouder beveiligd is tegen omvallen en klaar is voor gebruik. Onderbreek bij onregelmatigheden bij het bedienen van de kraan van de drukhouder direct het gebruik en neem contact op met leverancier. Herstel drukhouderkranen of drukontlastingsventielen nooit zelf . Beschadigde kranen van drukhouders moeten onmiddellijk aan de leverancier gemeld worden. De drukhouderkraan schoon en vetvrij houden, in het bijzonder olie en water. Plaats, zo snel mogelijk na het ontkoppelen van de drukhouder, een plug of stop op de kraanaansluiting en een kap over de kraan (indien mogelijk). De kraan van de drukhouder na elk gebruik en indien leeg sluiten, zelfs als deze nog aangesloten is. Probeer niet om het gas van de ene drukhouder over te vullen naar een andere drukhouder. Gebruik nooit een vlam of elektrische verwarming om de druk in de houder te verhogen. Identificatiestickers van de leverancier niet verwijderen of beschadigen. Binnendringen van vocht in de houder moet worden voorkomen. Open de afsluiter langzaam om een drukschok te vermijden. 7.2. Voorwaarden voor een veilige opslag, met inbegrip van incompatibele producten Neem alle lokale verordeningen en voorschriften m.b.t. opslag in acht. Houder niet bewaren in omstandigheden die corrosie bevorderen. Beschermingsplug van kraan of kap zou geplaatst moeten worden. Drukhouder rechtop zetten en tegen omvallen beschermen. Opgeslagen houders moeten regelmatig gecontroleerd worden op lekken en algemene conditie. Bewaar de houder beneden 50°C in een goed geventileerde ruimte. Bewaar houders in een locatie vrij van brandgevaar en weg van hitte- en ontstekingsbronnen. Verwijderd houden van brandbare stoffen. 7.3. Specifiek eindgebruik Geen. RUBRIEK 8: Maatregelen ter beheersing van blootstelling/persoonlijke bescherming 8.1. Controleparameters Kooldioxide (124-38-9) EU - Indicatieve Beroepsmatige blootstellingslimiet (IOEL) Lokale naam Carbon dioxide IOEL TWA 9000 mg/m³ IOEL TWA [ppm] 5000 ppm Referentie Wetgeving COMMISSION DIRECTIVE 2006/15/EC België - Beroepsmatige blootstellingslimieten Lokale naam Carbone (dioxyde de) # Koolstofdioxide OEL TWA 9131 mg/m³ OEL TWA [ppm] 5000 ppm OEL STEL 54784 mg/m³ OEL STEL [ppm] 30000 ppm Opmerking A: la mention “A” signifie que l’agent libère un gaz ou une vapeur qui n’ont en eux-mêmes aucun effet physiologique mais peuvent diminuer le taux d’oxygène dans l’air. Lorsque le taux d’oxygène descend en dessous de 17- 18 % (vol/vol) le manque d’oxygène provoque des suffocations qu’aucun symptôme préalable n’annonce. # A: de vermelding “A” betekent dat dit agens gas of damp vrijgeeft dat of die op zich geen fysiologische werking heeft, maar het zuurstofgehalte in de lucht verlaagt. Wanneer het zuurstofgehalte daalt onder de 17-18 % (vol/vol), veroorzaakt het zuurstoftekort verstikking, die zich manifesteert zonder dat er een waarschuwing aan voorafgaat. Referentie Wetgeving Koninklijk besluit/Arrêté royal 19/11/2020 Luxemburg - Beroepsmatige blootstellingslimieten Lokale naam Dioxyde de carbone OEL TWA 9000 mg/m³ OEL TWA [ppm] 5000 ppm Referentie Wetgeving Mémorial A Nº 684 de 2018 concernant la protection de la sécurité et de la santé des salariés contre les risques liés à des agents chimiques sur le lieu de travail Nederland - Beroepsmatige blootstellingslimieten Lokale naam Kooldioxide TGG-8u (OEL TWA) 9000 mg/m³ Referentie Wetgeving Arbeidsomstandighedenregeling 2021 DNEL (Afgeleide dosis zonder effect) geen beschikbaar. PNEC (Voorspelde concentratie(s) zonder effect) geen beschikbaar. 8.2. Maatregelen ter beheersing van blootstelling 8.2.1. Passende technische maatregelen Voorzie toereikende algemene en plaatselijke afzuiging. Technisch afgedichte systemen zouden regelmatig op lekdichtheid getest moeten worden. Zorg dat de blootstelling onder de beroepsmatige blootstellingsgrenzen ligt. Zuurstof detectoren zouden gebruikt moeten worden wanneer hoeveelheden van verstikkende gassen kunnen vrijkomen. Overweeg het gebruik van een systeem van werkvergunningen, vb voor onderhoudswerken. 8.2.2. Individuele beschermingsmaatregelen. Een veiligheidsbeoordeling zou moeten worden uitgevoerd en gedocumenteerd om van elk werkgebied de risico's te beoordelen verwant aan het gebruik van het product, en om de geschikte PBM te selecteren behorende bij relevante risico's. De volgende aanbevelingen zouden overwogen moeten worden PBM's die voldoen aan de aanbevolen EN/ISO normen selecteren. • oog / gezicht bescherming. Draag veiligheidsbril met zijbescherming. Standaard EN 166 - oogbescherming- specificaties. • Huidbescherming - Handbescherming Draag werkhandschoenen bij het hanteren van drukhouders. Standaard EN 388- Handschoenen tegen mechanische gevaren, prestatieniveau 1 of hoger. - Andere Draag veiligheidsschoenen bij het werken met drukhouders. Standaard EN ISO 20345 - Persoonlijke beschermingsmiddelen Veiligheidsschoeisel. • Ademhalingsbescherming Gasfilters kunnen gebruikt worden als de omgevingsomstandigheden, vb type en concentratie van de contaminanten gekend zijn. Gebruik filters en volgelaatsmaskers, waar de blootstellingswaarde voor een korte periode kunnen overschreden worden. Bv. aan - of afkoppelen van de drukhouders. Standaard EN137 - Onafhankelijke persluchtmaskers. Indien aangegeven door een risicobeoordeling, moet een ademhalingsbeschermingsmiddel gebruikt worden. De keuze van het ademhalingsbeschermingapparaat moet gebaseerd zijn op bekende of verwachte blootstelling niveaus, de gevaren van het product en de veilige werkgrenzen van het geselecteerde beschermingsmiddel. Gasfilters beschermen niet tegen zuurstof tekort. Persluchtmasker of een druklucht leiding met masker kan gebruikt worden in zuurstof-arme atmosfeer. Standard EN14387 - gasfilter(s), combinatie filter(s) en standaard EN136, volgelaatsmaskers. Persluchtmasker is aangewezen waar ongekende blootstelling verwacht kan worden. Bv gedurende onderhoud van installatie. • Thermische gevaren Geen in aanvulling op de bovenstaande secties. 8.2.3. Beheersing van milieublootstelling Niet nodig. RUBRIEK 9: Fysische en chemische eigenschappen 9.1. Informatie over fysische en chemische basiseigenschappen Uiterlijk - Fysische toestand bij 20°C / 101.3kPa Gas. - Kleur Kleurloos. Geur Geurloos. Geurwaarnemingsdrempel is subjectief en niet geschikt als waarschuwing voor overmatige blootstelling. Smeltpunt / Vriespunt Niet van toepassing voor gasmengsels. Kookpunt Niet van toepassing voor gasmengsels. Het is technisch niet mogelijk om het kookpunt of kooktraject van dit mengsel te bepalen. Komponent met het laagste kookpunt Argon -186 °C Ontvlambaarheid Niet brandbaar. Laagste explosiegrenswaarde Niet beschikbaar Bovenste explosiegrenswaarde Niet beschikbaar Vlampunt Niet van toepassing voor gassen en gasmengsels. Zelfontbrandingstemperatuur Niet brandbaar. Ontledingstemperatuur Niet van toepassing. pH Niet van toepassing voor gassen en gasmengsels. Viscositeit, kinematisch Geen betrouwbare gegevens beschikbaar. Oplosbaarheid in water [20°C] Mengsel is gedeeltelijk oplosbaar in water. Verdelingscoëfficiënt n-octanol/water (Log Kow) Niet van toepassing voor gasmengsels. Dampspanning [20°C] Niet van toepassing. Dampspanning [50°C] Niet van toepassing. Dichtheid en/of relatieve dichtheid Niet van toepassing. Relatieve dampdichtheid (lucht=1) Zwaarder dan lucht. Deeltjeskarakteristieken Niet van toepassing voor gassen en gasmengsels.

Opslag

P403 - Op een goed geventileerde plaats bewaren.

2.3 Andere gevaren

Verstikkend in hoge concentraties. Hoge concentraties CO2 kunnen de bloedsomloop nadelig beïnvloeden, zelfs bij normale niveaus van zuurstof concentratie. wat kan leiden tot bewusteloosheid en dood. Symptomen zijn hoofdpijn, misselijkheid en braken. Niet geclassificeerd als PBT of vPvB. De stof / het mengsel heeft geen hormoonontregelende eigenschappen. RUBRIEK 3: Samenstelling en informatie over de bestanddelen Niet vastgesteld. 3.1. Stoffen 3.2. Mengsels Naam Productidentificatie % Indeling conform Verordening (EG) Nr.

Verdere informatie

9.2.1. Informatie inzake fysische gevarenklassen Ontploffingseigenschappen Niet van toepassing. Explosiegrenswaarden Niet brandbaar. Oxiderende eigenschappen Niet van toepassing. 9.2.2. Andere veiligheidskenmerken Moleculair gewicht Niet van toepassing voor gasmengsels. Verdampingssnelheid Niet van toepassing voor gassen en gasmengsels. Gas/damp zwaarder dan lucht. Kan ophopen in begrensde ruimten, in het bijzonder in putten, kelders, enz. RUBRIEK 10: Stabiliteit en reactiviteit 10.1. Reactiviteit Geen reactiviteitsgevaar anders dan beschreven in onderstaande sub-rubriek. Gegevens voor mengsels zijn niet beschikbaar. Geen. 10.2. Chemische stabiliteit Stabiel onder normale omstandigheden. 10.3. Mogelijke gevaarlijke reacties Geen. 10.4. Te vermijden omstandigheden Geen onder aanbevolen hanterings en opslag condities (zie rubriek 7). Vermijd vocht in installatiesystemen. 10.5. Chemisch op elkaar inwerkende materialen Geen. Voor meer informatie m.b.t. compatibiliteit, zie ISO 11114. 10.6. Gevaarlijke ontledingsproducten Onder normale opslag- en gebruikscondities worden geen gevaarlijke ontledingsproducten gevormd. RUBRIEK 11: Toxicologische informatie Voor meer informatie, zie 'EIGA Safety Info 24: Carbon Dioxide, Physiological Hazards' op www.eiga.eu. . In tegenstelling tot eenvoudige verstikkende gassen, heeft kooldioxide de eigenschap om tot de dood te leiden, zelfs met normale zuurstof niveau's (20-21%). Bij 5% CO2 heeft men een synergetische werking vastgesteld die de giftigheid van bepaalde gassen (CO, NO2) kan verhogen. Het is aangetoond dat CO2 de productie van carboxy- en met-hemoglobine door deze gassen kan verhogen wegens de stimulerende effecten van CO3 op de ademhaling en de bloedsomloop. De stof / het mengsel heeft geen hormoonontregelende eigenschappen. RUBRIEK 12: Ecologische informatie 12.1. Toxiciteit Evaluatie Dit product veroorzaakt geen milieuschade. EC50 48h - Daphnia magna [mg/l] Geen gegevens beschikbaar. EC50 72h - Algae [mg/l] Geen gegevens beschikbaar. LC50 96 Uur - Vis [mg/l] Geen gegevens beschikbaar. Argon (7440-37-1) EC50 48h - Daphnia magna [mg/l] Geen gegevens beschikbaar. EC50 72h - Algae [mg/l] Geen gegevens beschikbaar. LC50 96 Uur - Vis [mg/l] Geen gegevens beschikbaar. Kooldioxide (124-38-9) EC50 48h - Daphnia magna [mg/l] Geen gegevens beschikbaar. Kooldioxide (124-38-9) EC50 72h - Algae [mg/l] Geen gegevens beschikbaar. LC50 96 Uur - Vis [mg/l] Geen gegevens beschikbaar. 12.2. Persistentie en afbreekbaarheid Evaluatie Dit product veroorzaakt geen milieuschade. 12.3. Bioaccumulatie Evaluatie Geen gegevens beschikbaar. 12.4. Mobiliteit in de bodem Evaluatie Omwille van zijn hoge vluchtigheid, bodem - of water verontreiniging van dit product is onwaarschijnlijk. Verdeling in de bodem is onwaarschijnlijk.

Gevaar bij inademing

Niet van toepassing voor gassen en gasmengsels. 11.2. Informatie over andere gevaren

Resultaten van PBT- en zPzB-beoordeling

Evaluatie Niet geclassificeerd als PBT of vPvB. 12.6. Hormoonontregelende eigenschappen Evaluatie De stof / het mengsel heeft geen hormoonontregelende eigenschappen. 12.7. Andere schadelijke effecten Andere schadelijke effecten Geen gekende effecten van dit product. Effect op ozonlaag Geen. Effect op de opwarming van de aarde. Bevat één (of meerdere) broeikasgas(sen). RUBRIEK 13: Instructies voor verwijdering 13.1. Afvalverwerkingsmethoden Alleen afblazen in een goed geventileerde omgeving. Niet afblazen in een gebied waar ophoping gevaarlijk kan zijn. Zend ongebruikt product in de originele houder terug naar de leverancier. Lijst van gevaarlijke afvalstoffen. (Van Besluit 16 05 05: Niet onder 16 05 04 vallende gassen in drukhouders. 2000/532/EC, zoals gewijzigd)

Extra informatie

Externe verwerking en afvoer van afval moeten voldoen aan de toepasselijke lokale en/of nationale voorschriften. RUBRIEK 14: Informatie met betrekking tot het vervoer 14.1. VN-nummer of ID-nummer Overeenkomstig de eisen van ADR / RID / IMDG / IATA / ADN VN-nr 1956 14.2. Juiste ladingnaam overeenkomstig de modelreglementen van de VN Vervoer over de weg/per spoor (ADR/RID) SAMENGEPERST GAS, N.E.G. (Argon, Kooldioxide) Vervoer via de lucht (ICAO-TI / IATA-DGR) Compressed gas, n.o.s. (Argon, Carbon dioxide) Vervoer over zee (IMDG) COMPRESSED GAS, N.O.S. (Argon, Carbon dioxide) 14.3. Transportgevarenklasse(n)

2.2 Etiketteringselementen

2.2 Niet brandbare, niet giftige gassen. Vervoer over de weg/per spoor (ADR/RID) Klasse 2 Classificatiecode 1A Gevaarnummer 20 Tunnel Restriction E - Doorgang verboden door tunnels van categorie E Vervoer via de lucht (ICAO-TI / IATA-DGR) Klasse / subklasse 2.2 Vervoer over zee (IMDG) Klasse / subklasse 2.2 Noodplan (EmS)- Brand F-C Noodplan (EmS)- Lek S-V 14.4. Verpakkingsgroep Vervoer over de weg/per spoor (ADR/RID) Niet van toepassing. Vervoer via de lucht (ICAO-TI / IATA-DGR) Niet van toepassing. Vervoer over zee (IMDG) Niet van toepassing.

Milieugevaren

Vervoer over de weg/per spoor (ADR/RID) Geen. Vervoer via de lucht (ICAO-TI / IATA-DGR) Geen. Vervoer over zee (IMDG) Geen. 14.6. Bijzondere voorzorgen voor de gebruiker Verpakkingsinstructie (s) Vervoer over de weg/per spoor (ADR/RID) P200. Vervoer via de lucht (ICAO-TI / IATA-DGR) Passagier - en vrachtvliegtuig 200. Enkel vrachtvliegtuig. 200. Vervoer over zee (IMDG) P200. Specifieke voorzorgsmaatregelen bij transport Vermijd vervoer in wagens waar de laadruimte niet gescheiden is van de bestuurdersruimte. Zorg ervoor dat de bestuurder op de hoogte is van de mogelijke gevaren van de lading en dat hij weet hoe te handelen bij ongeval of noodsituatie. Alvorens de drukhouders te vervoeren - Zorg voor voldoende ventilatie. - Zorg dat de houders goed beveiligd zijn. - Controleer of de kraan goed gesloten is en niet lekt. - Controleer of de blindmoer - of plug (indien aanwezig) degelijk bevestigd is. - Controleer of de kraanbescherming (indien aanwezig) degelijk bevestigd is. 14.7. Zeevervoer in bulk overeenkomstig IMO-instrumenten Niet van toepassing. RUBRIEK 15: Regelgeving 15.1. Specifieke veiligheids-, gezondheids- en milieureglementen en -wetgeving voor de stof of het mengsel EU-voorschriften Gebruiksbeperkingen Geen. Bevat geen stoffen van de kandidaatslijst van REACH. Overige voorschriften aangaande voorlichting, Zorg ervoor dat alle nationale/plaatselijke voorschriften gekend zijn. beperkingen en verboden

Opmerkingen

Referentienummer Toegevoegd Deeltjeskarakteristieken Toegevoegd Hormoonontregelende eigenschappen Toegevoegd Relevant geïdentificeerd gebruik. Gewijzigd Ontraden gebruik. Gewijzigd 1.3 Adresinformatie Gewijzigd 1.4 Noodnummer Gewijzigd 1.4 Noodnummer Gewijzigd NVIC 2.3 Andere gevaren die niet in een indeling Gewijzigd resulteren

2.1. Indeling van de stof of het mengsel

Indeling conform Verordening (EG) Nr. 1272/2008 [CLP] Fysieke gevaren Gassen onder druk : Samengeperst gas H280

SDS Library

Zet uw VIB-bibliotheek vandaag online.

Check Icon
Instellingen – Eenvoudige opzet met onze database van 16 miljoen+ SDS's
Check Icon
Up-to-date – Uw VIB worden automatisch bijgewerkt naar de laatste versies.
Check Icon
Toegang voor medewerkers – Toegang via tablets, smartphones of een koppeling van het bedrijfsintranet
Check Icon
Veiligheid – Eenvoudige toegang tot EHBO-informatie met één klik.
Check Icon
Labels – Maak secundaire containeretiketten met slechts één klik.